Echografie

Een echografie is een medische beeldvormingstechniek met ultrasone geluiden.
De echo is bijvoorbeeld een standaardonderzoek bij een zwangerschap.
Een echo kijkt naar de zachte weefsels van de organen.

Zoals het hart, de lever, de milt, de alvleesklier, de nieren, de prostaat, de blaas, de lymfeklieren van de schildklier en andere klieren van de bloedvaten (aders en slagaders) van de spieren, de pezen en de ligamenten.

Er zijn meerdere onderzoeken die met een vergelijkbare techniek werken.

Echografie
Echografie

Dopplertechniek

Dit is een techniek om de snelheid van de bloedstroom te meten. De kop van het Dopplerapparaat zendt ultrageluidsgolven uit.
De bloedlichaampjes in het bloed kunnen deze geluidsgolven terugkaatsen. Zo kan de snelheid waarmee en de richting waarin het bloed stroomt worden bepaald.
Met dit onderzoek alleen kan snel een indruk gekregen worden van de bloeddoorstroming in sommige bloedvaten.
Voor meer informatie wordt het Dopplersignaal vaak gecombineerd met echografie. Daarmee kan de bloedstroom niet alleen hoorbaar, maar ook zichtbaar gemaakt worden.

Echocardiografie (echo van het hart)

Met een echocardiografie kan de vorm, grootte en het functioneren van het hart worden onderzocht.
Voor meer detail wordt een echocardiografie gecombineerd met Dopplertechniek. Zo kan ook de snelheid en richting bepaald worden waarmee het bloed door verschillende delen van het hart stroomt.
De stroomsnelheid van het bloed wordt op het beeldscherm in verschillende kleuren weergegeven.
Deze beelden geven een indruk van de grootte van de hartkamers, de dikte van de hartspier, de pompfunctie, het functioneren van de hartkleppen (lekkage of vernauwing) en schade van bijvoorbeeld eerdere hartinfarcten.

Echo van het hart
Echografie

Echocardiografie is breed inzetbaar als onderzoek bij verschillende aandoeningen:

  • Hartinfarct
  • Angina pectoris
  • Hartfalen
  • Hartklepaandoeningen (lekkende of vernauwde hartklep)
  • Endocarditis (ontsteking van de binnenbekleding van het hart en de hartkleppen)
  • Gaatje in hart tussenschot (septumdefect)
  • Verwijding aorta (aneurysma)
  • Vernauwing van de aorta (coarctatie)
  • Bloedstolsels (herkomst achterhalen)

Een echo van het hart kan op 2 manieren gemaakt worden: via de buitenkant op de borstkas of via de slokdarm.
Via de borstkas is niet pijnlijk en wordt vaak naast het hartfilmpje (ECG) als eerste cardiologisch onderzoek gedaan.

Slokdarmecho

Een slokdarmechografie is meer belastend. Dit wordt daarom alleen gedaan als dit echt nodig is. Bijvoorbeeld wanneer een echo via de borstkas onvoldoende informatie oplevert.
Een dunne slang wordt via de (verdoofde) mond en keelholte in de slokdarm gebracht. Aan deze slang zit een zendertje dat het hart in beeld brengt.
Zo kunnen sommige structuren van het hart en de aorta (grote lichaamsslagader) beter in beeld worden gebracht. De slokdarm ligt namelijk direct tegen de achterwand van het hart.
Een slokdarmecho heet ook wel transoesophagale echografie (TEE).
Mensen mogen 4 tot 6 uur voor dit onderzoek niets meer eten of drinken. Tijdens het onderzoek kan iemand normaal ademen door de neus of mond.
Wanneer iemand erg tegen het onderzoek opziet, kan hij of zij vragen om een kalmeringsmiddel.

Echografie - Slokdarmecho
Echografie - Duplexonderzoek van de bloedvaten

Duplexonderzoek van de bloedvaten.

Duplexonderzoek is een combinatie van echografie van de vaten en Doppleronderzoek. Duplexonderzoek brengt de bouw, de ligging en de grootte van de bloedvaten in beeld.
En de bloedstroom in aders en slagaders kan beoordeeld worden. Dit onderzoek kan worden gedaan bij (een vermoeden van):

Vernauwing van een bloedvat (stenose)
Etalagebenen (perifeer arterieel vaatlijden)
Verwijding in de aorta (aneurysma)
Trombosebeen
Het beoordelen van spataders